Druk is kracht per oppervlak: p = F / A, in pascal (N/m²). Een naaldhak drukt harder dan een olifant omdat het hele gewicht op één hak van 1,0 cm² staat: bijna zes miljoen pascal, tegen ongeveer 98 000 pascal voor de olifant. Een groter oppervlak geeft een kleinere druk, daarom helpen een helm en een airbag.
Op naaldhakken druk je harder op de vloer dan een olifant. Dat klinkt als onzin, maar het klopt.
Of iets in een vloer prikt, hangt niet alleen af van de kracht, maar ook van het oppervlak waarover die kracht verdeeld is. De kracht per vierkante meter heet de druk: p = F / A, in newton per vierkante meter, en dat heet pascal. Dezelfde kracht op een kleiner oppervlak geeft een grotere druk. Reken het oppervlak daarom altijd om naar vierkante meter: 1 cm² is 1·10⁻⁴ m².
Een olifant van 5000 kilogram staat op vier voeten van samen 0,50 m² en drukt met ongeveer 98 000 pascal. Iemand van 60 kilogram op één naaldhak van 1,0 cm² drukt met bijna zes miljoen pascal: zestig keer zoveel.
Daarna reken je zelf aan een tafel van 40 kilogram op vier poten. Halverwege staat er een vraag en valt er een stilte: zet de video daar stil en denk eerst zelf na. In het verkeer werkt het andersom: een helm en een airbag verdelen de klap over een groot oppervlak, zodat de druk klein blijft.
In deze video
De hele uitleg, uitgeschreven
Naaldhak en olifant
0:00Op naaldhakken druk je harder op de vloer dan een olifant. Of iets in een vloer prikt, hangt niet alleen af van de kracht. Het hangt af van hoe die kracht verdeeld is over het oppervlak. De kracht per vierkante meter oppervlak heet de druk. Je rekent hem uit met p is F gedeeld door A: de kracht in newton gedeeld door het oppervlak in vierkante meter.
0:28De druk is dan in newton per vierkante meter, en dat heet ook pascal. Dezelfde kracht op een kleiner oppervlak geeft een grotere druk.
De som
0:40Reken het oppervlak altijd in vierkante meter: één vierkante centimeter is één tienduizendste vierkante meter. Een olifant van vijfduizend kilogram: de zwaartekracht is vijfduizend keer negen komma eenentachtig, ongeveer negenenveertigduizend newton.
0:57Zijn vier voeten hebben samen een oppervlak van nul komma vijftig vierkante meter. Dat geeft een druk van ongeveer achtennegentigduizend pascal. Loop je op naaldhakken, dan staat bij elke stap even je hele gewicht op één hak van één vierkante centimeter.
1:16Weeg je zestig kilogram, dan is de kracht vijfhonderdnegenentachtig newton, en die gedeeld door één tienduizendste vierkante meter is bijna zes miljoen pascal. Zestig keer zoveel als de olifant. Nu jij. Een tafel van veertig kilogram staat op vier poten, elk met een oppervlak van vier vierkante centimeter.
1:38Hoe groot is de druk op de vloer?
De tafel, de helm en de airbag
1:45De zwaartekracht is veertig keer negen komma eenentachtig, ongeveer driehonderdnegentig newton. Vier poten van vier vierkante centimeter zijn samen zestien vierkante centimeter. Dat is nul komma nul nul zestien vierkante meter. Driehonderdnegentig gedeeld door nul komma nul nul zestien is ongeveer tweehonderdvijftigduizend pascal.
2:07In het verkeer werkt het andersom: je wilt de druk juist klein maken. Een helm spreidt de klap over een groot deel van je hoofd, en een airbag vangt je hele bovenlijf op in plaats van één plek. Een groter oppervlak, en dus een kleinere druk.
Drie dingen om te onthouden
2:27Drie dingen. Druk is de kracht per vierkante meter: p is F gedeeld door A, in pascal. Reken het oppervlak altijd om naar vierkante meter. En hoe groter het oppervlak, hoe kleiner de druk. Daarom helpen een helm en een airbag.
Twee vragen
2:43Twee vragen. Eén. Een doos van twee komma nul kilogram staat op tafel. De onderkant heeft een oppervlak van nul komma nul vijftig vierkante meter. Hoe groot is de druk op de tafel? Twee. Waarom zak je met sneeuwschoenen minder diep weg in de sneeuw dan met gewone schoenen?
De antwoorden
3:05De eerste: de zwaartekracht is twee komma nul keer negen komma eenentachtig, ongeveer twintig newton. Gedeeld door nul komma nul vijftig is dat ongeveer driehonderdnegentig pascal. De tweede: je gewicht blijft hetzelfde, maar het verdeelt zich over een veel groter oppervlak.
3:23Een groter oppervlak geeft een kleinere druk.
Botsingstijd
3:27Wil je weten waarom de kracht bij een botsing kleiner wordt als de botsing langer duurt? Kijk dan de video over botsingstijd op mijn YouTube-kanaal.
Veelgestelde vragen
Wat is druk in de natuurkunde?
Druk is de kracht per vierkante meter oppervlak: p = F / A. De kracht F is in newton, het oppervlak A in vierkante meter, en de druk p in newton per vierkante meter, oftewel pascal (Pa).
Hoe reken je vierkante centimeter om naar vierkante meter?
Eén vierkante centimeter is 1·10⁻⁴ vierkante meter, een tienduizendste. Vier poten van 4,0 cm² zijn samen 16 cm², en dat is 1,6·10⁻³ m².
Waarom drukt een naaldhak harder dan een olifant?
De olifant is veel zwaarder, maar zijn gewicht staat op 0,50 m². Op een naaldhak staat het hele gewicht van iemand van 60 kilogram op 1,0 cm². Dat geeft 589 N gedeeld door 1,0·10⁻⁴ m², ongeveer 5,9·10⁶ pascal: zestig keer zoveel.
Waarom zak je met sneeuwschoenen minder diep weg?
Je gewicht blijft hetzelfde, maar het verdeelt zich over een veel groter oppervlak. Een groter oppervlak geeft een kleinere druk, dus zak je minder diep in de sneeuw.
Hierna: waarom een auto die deukt juist veiliger is. Dat staat in de video over botsingstijd en de kreukelzone op dit kanaal.
Deze video krijgt geluidssporen en ondertiteling in meer talen. Kies je taal in de speler onder het tandwiel, bij Audiospoor en bij Ondertiteling.
Physics with Thomas: uitleg met beeld waar het iets toevoegt, en zonder beeld waar het afleidt.
Even voorstellen

Mijn naam is Thomas Schuurmans, en ik heb een passie voor natuurkunde en voor begrijpen waarom dingen werken zoals ze werken. Wat ik wil, is jonge mensen aanmoedigen om vaker “waarom is dat?” en “hoe werkt dat?” te vragen, en ze de handvatten van de natuurkunde geven op een manier die makkelijk is en die je kunt zien.
Ik ben in 2003 afgestudeerd in Technische Natuurkunde aan de Technische Universiteit Delft. Daarna werkte ik ruim twintig jaar buiten het onderwijs: eerst bij TNO, daarna bij een ontwerpbureau, en uiteindelijk als oprichter van Proportion Global, waarmee ik aan innovatievraagstukken werk in Afrika, Latijns-Amerika en Zuid-Azië. Dat werk lijkt meer op natuurkunde dan je zou denken: niet beginnen bij een oplossing, maar eerst begrijpen wat er aan de hand is, iets proberen, fout zitten, en opnieuw kijken.
Proportion Global werkt inmiddels met een netwerk van lokale consultants in 67 landen, dus ik hoef zelf bijna niet meer te reizen. Hierdoor heb ik nu meer tijd en behoefte om ook dichter bij huis een verschil te maken. Daarom heb ik mijn oude liefde voor natuurkunde weer opgepakt. Sinds september 2026 ben ik twee ochtenden per week natuurkundedocent op het Cartesius Lyceum in Amsterdam, in de derde en vierde klas havo/vwo.
Zelf ben ik erg visueel ingesteld als ik nieuwe dingen wil leren. Daaruit is het idee geboren: video's die één onderwerp scherp en visueel uitleggen, in een paar minuten. Ik maak ze voor mijn eigen leerlingen. Daarna zet ik ze openbaar online, want goede uitleg hoort beschikbaar te zijn voor iedereen die hem nodig heeft, waar je ook woont en in welke taal je denkt en spreekt.








