Naar de inhoud
Physics with Thomas

Weerstand en de wet van Ohm · verdubbelt de weerstand met de spanning?

Duur 4:21Op YouTube

Nee. Verdubbel je de spanning over een weerstand, dan verdubbelt de stroom mee en blijft de weerstand gelijk. Met R is U gedeeld door I reken je de weerstand uit, maar hij hangt er niet van af: het is een eigenschap van het onderdeel zelf. Een ohmse weerstand geeft in een (I,U)-diagram een rechte lijn door de oorsprong.

Zet je twee keer zoveel spanning op een weerstand, wordt zijn weerstand dan twee keer zo groot? Nee. De stroom verdubbelt mee, en de weerstand blijft wat hij was.

Weerstand zegt hoe moeilijk lading door een onderdeel gaat. In een draad bewegen vrije elektronen tussen de positieve ionen door, en die ionen zitten in de weg. Het symbool is R, de eenheid de ohm, met als teken de Griekse letter omega. Geleiders als koper, zilver, aluminium en zout water hebben een kleine weerstand; isolatoren als kunststof, porselein en droge lucht een grote.

De wet van Ohm zegt hoe spanning, stroom en weerstand samenhangen: U is I keer R, met U in volt, I in ampère en R in ohm. Meet je drie keer aan dezelfde weerstand, bij 2,0, 4,0 en 6,0 volt, dan loopt er 20, 40 en 60 milliampère. Zet de milliampère eerst om naar ampère en reken R is U gedeeld door I uit: drie keer 100 ohm. Met R is U gedeeld door I reken je de weerstand uit, maar hij hangt er niet van af: de weerstand is een eigenschap van het onderdeel zelf.

Zet je die metingen in een (I,U)-diagram, dan krijg je een rechte lijn door de oorsprong. Zo'n onderdeel heet een ohmse weerstand. Een gloeilampje doet dat niet: zijn lijn buigt af, want het draadje wordt heet, en een heet metaal heeft een grotere weerstand dan een koud.

Voor 4 havo en 4 vwo, bij elektriciteit.

In deze video

  1. 0:00Twee keer zoveel spanning
  2. 0:15Wat weerstand is
  3. 0:58Drie metingen aan één weerstand
  4. 2:08Een rechte lijn, en een lampje dat afbuigt
  5. 2:53Drie dingen om te onthouden
  6. 3:23Twee vragen
  7. 3:42De antwoorden
  8. 4:03Waar de weerstand van een draad van afhangt

De hele uitleg, uitgeschreven

Twee keer zoveel spanning

0:00U is I keer R, dus R is U gedeeld door I. Zet je twee keer zoveel spanning op een weerstand, dan wordt zijn weerstand twee keer zo groot.

Wat weerstand is

0:16In een draad bewegen vrije elektronen tussen de positieve ionen door, en die ionen zitten in de weg. Hoe moeilijker de lading erdoor komt, hoe groter de elektrische weerstand. Het symbool is R, en de eenheid is de ohm, met als teken de Griekse letter omega.

0:34Materialen waar lading makkelijk doorheen gaat, heten geleiders: metalen als koper, zilver en aluminium, maar ook zout water. Hun weerstand is klein. Materialen waar lading nauwelijks doorheen komt, heten isolatoren: de kunststof mantel om je laadkabel, porselein, en droge lucht.

0:56Hun weerstand is groot.

Drie metingen aan één weerstand

0:58Hoe spanning, stroom en weerstand samenhangen, zegt de wet van Ohm: U is I keer R. U in volt, I in ampère, R in ohm. Neem een weerstand, en meet drie keer. Twee komma nul volt erover: er loopt twintig milliampère. Vier komma nul volt: veertig milliampère.

1:17Zes komma nul volt: zestig milliampère. Reken nu bij elke meting de weerstand uit, en zet de milliampère eerst om naar ampère. Twee komma nul gedeeld door nul komma nul twee nul is honderd ohm. Vier komma nul gedeeld door nul komma nul vier nul: honderd ohm.

1:36En zes gedeeld door zestig milliampère: weer honderd ohm. De spanning verdubbelt, de stroom verdubbelt mee, en de weerstand blijft wat hij was. R is U gedeeld door I zegt hoe je de weerstand uitrekent, niet waar hij van afhangt. De spanning bepaalt de stroom; de weerstand is een eigenschap van het onderdeel zelf.

1:57Nu jij. Zet je die drie metingen in een diagram, met de spanning horizontaal en de stroom verticaal: wat voor lijn krijg je?

Een rechte lijn, en een lampje dat afbuigt

2:09Een rechte lijn door de oorsprong. Nul volt, nul stroom, en elke stap in spanning geeft dezelfde stap in stroom. Dat is een (I, U)-diagram, en een onderdeel met zo'n rechte lijn door de oorsprong heet een ohmse weerstand: zijn weerstand is constant.

2:25Een gloeilampje doet dat niet. Bij een lage spanning loopt zijn lijn steil omhoog, en hoe hoger de spanning, hoe meer hij afbuigt. Elke volt erbij levert steeds minder stroom op, dus de weerstand van het lampje wordt groter. En dat komt niet doordat de spanning de weerstand groter maakt.

2:43Het draadje in het lampje wordt heet, en een heet metaal heeft een grotere weerstand dan een koud. Een gloeilampje is dus geen ohmse weerstand.

Drie dingen om te onthouden

2:53Drie dingen. Weerstand zegt hoe moeilijk lading door een onderdeel gaat: symbool R, eenheid ohm. Geleiders hebben een kleine weerstand, isolatoren een grote. De wet van Ohm: U is I keer R. Met U gedeeld door I reken je de weerstand uit, maar hij hangt er niet van af.

3:12En in een (I, U)-diagram geeft een ohmse weerstand een rechte lijn door de oorsprong. Een gloeilampje buigt af, omdat het draadje warm wordt.

Twee vragen

3:23Twee vragen. Eén. Over een weerstand staat negen komma nul volt, en er loopt vijfenveertig milliampère door. Hoe groot is de weerstand? Twee. Je zet over een ohmse weerstand drie keer zoveel spanning. Wat gebeurt er met de stroom, en wat met de weerstand?

De antwoorden

3:43De eerste: vijfenveertig milliampère is nul komma nul vier vijf ampère. R is U gedeeld door I, dus negen komma nul gedeeld door nul komma nul vier vijf. Dat is twee komma nul keer tien tot de tweede ohm. De tweede: de stroom wordt drie keer zo groot, en de weerstand blijft gelijk.

Waar de weerstand van een draad van afhangt

4:04Waarom een lange, dunne draad meer weerstand heeft dan een korte, dikke, en wat het materiaal daarmee te maken heeft: op het kanaal staat een aparte video over soortelijke weerstand.

Veelgestelde vragen

Wat is de wet van Ohm?

De wet van Ohm is U is I keer R: de spanning in volt is de stroom in ampère keer de weerstand in ohm. Bij een ohmse weerstand is R constant, dus de stroom is recht evenredig met de spanning.

Hoe bereken je de weerstand met spanning en stroom?

Met R is U gedeeld door I. Zet de stroom eerst om naar ampère. Staat er 9,0 volt over een weerstand en loopt er 45 milliampère, dan is dat 9,0 gedeeld door 0,045 ampère, en dat is 2,0 keer tien tot de tweede ohm.

Wordt de weerstand groter als je de spanning verhoogt?

Niet bij een ohmse weerstand: verdubbel je de spanning, dan verdubbelt de stroom en blijft de weerstand gelijk. Bij een gloeilampje wordt de weerstand wel groter bij een hogere spanning, maar dat komt doordat het draadje heet wordt, niet door de spanning zelf.

Wat is het verschil tussen een geleider en een isolator?

Door een geleider gaat lading makkelijk, dus zijn weerstand is klein: metalen als koper, zilver en aluminium, maar ook zout water. Door een isolator komt lading nauwelijks, dus zijn weerstand is groot: kunststof, porselein en droge lucht.

Waarom is een gloeilampje geen ohmse weerstand?

Zijn lijn in een (I,U)-diagram is geen rechte lijn door de oorsprong maar buigt af: elke volt erbij levert steeds minder stroom op. Het draadje wordt heet, en een heet metaal heeft een grotere weerstand dan een koud.

Hiervoor kwam hoe je een stroommeter en een spanningsmeter aansluit: precies de meting die je hier ziet. Hierna: waarom een lange, dunne draad meer weerstand heeft dan een korte, dikke, en wat het materiaal daarmee te maken heeft, met de soortelijke weerstand.

Deze video krijgt geluidssporen en ondertiteling in meer talen. Kies je taal in de speler onder het tandwiel, bij Audiospoor en bij Ondertiteling.

Physics with Thomas: natuurkunde uitgelegd met beeld waar het iets toevoegt, en zonder beeld waar het afleidt.

In deze serie

Even voorstellen

Thomas Schuurmans

Mijn naam is Thomas Schuurmans, en ik heb een passie voor natuurkunde en voor begrijpen waarom dingen werken zoals ze werken. Wat ik wil, is jonge mensen aanmoedigen om vaker “waarom is dat?” en “hoe werkt dat?” te vragen, en ze de handvatten van de natuurkunde geven op een manier die makkelijk is en die je kunt zien.

Ik ben in 2003 afgestudeerd in Technische Natuurkunde aan de Technische Universiteit Delft. Daarna werkte ik ruim twintig jaar buiten het onderwijs: eerst bij TNO, daarna bij een ontwerpbureau, en uiteindelijk als oprichter van Proportion Global, waarmee ik aan innovatievraagstukken werk in Afrika, Latijns-Amerika en Zuid-Azië. Dat werk lijkt meer op natuurkunde dan je zou denken: niet beginnen bij een oplossing, maar eerst begrijpen wat er aan de hand is, iets proberen, fout zitten, en opnieuw kijken.

Sinds 2026 geef ik natuurkunde in de onder- en bovenbouw, en ben ik begonnen aan mijn master aan de Universiteit van Amsterdam voor mijn eerstegraads bevoegdheid. Daar leerde ik dat de echte aandacht van een middelbare scholier voor nieuwe stof ongeveer zeven minuten duurt. En mijn valkuil is nu net om te veel randverhalen te vertellen.

Daaruit is het idee geboren: video's die één onderwerp scherp en visueel uitleggen, binnen die zeven minuten. Ik maak ze voor mijn eigen leerlingen. Daarna zet ik ze openbaar online, want goede uitleg hoort beschikbaar te zijn voor iedereen die hem nodig heeft, waar je ook woont en in welke taal je denkt en spreekt.