Naar de inhoud
Physics with Thomas

Serieschakeling · door welk lampje gaat de meeste stroom?

Duur 3:32Op YouTube

Door allebei evenveel. In een serieschakeling heeft de lading maar één weg: elk elektron dat het eerste lampje in gaat, komt er weer uit en gaat door het tweede. Er raakt onderweg geen lading kwijt, dus de stroomsterkte is overal in de kring even groot. Wat een lampje omzet is energie, geen stroom.

Twee lampjes na elkaar in één stroomkring. Door welk lampje gaat de meeste stroom: door het eerste, door het tweede, of door allebei evenveel? Door allebei evenveel.

Staan onderdelen achter elkaar in één kring, zonder vertakking, dan heet dat een serieschakeling. De lading heeft daar maar één weg: elk elektron dat het eerste lampje in gaat, komt er weer uit en gaat daarna door het tweede. Er raakt onderweg geen lading kwijt, dus de stroomsterkte is overal gelijk: I totaal is I een is I twee. Wat een lampje omzet is geen stroom maar energie.

De spanning van de bron wordt wél verdeeld. Elk onderdeel krijgt een deelspanning, en samen zijn die gelijk aan de bronspanning: U totaal is U een plus U twee. Dat heet spanningsdeling. En de weerstanden tellen op: R totaal is R een plus R twee, want elk onderdeel is een hindernis extra op dezelfde ene weg.

In het rekenvoorbeeld staan 20 ohm en 40 ohm in serie op 12 volt. Samen 60 ohm, dus de stroom is 0,20 ampère, door allebei. Over de 20 ohm staat 4,0 volt, over de 40 ohm 8,0 volt: de grootste spanning staat over de grootste weerstand.

Voor 4 havo en 4 vwo, bij elektriciteit.

In deze video

  1. 0:00Twee lampjes na elkaar
  2. 0:16Eén weg voor de lading
  3. 0:53De spanning verdeelt zich
  4. 1:33Twintig en veertig ohm
  5. 2:09Drie dingen om te onthouden
  6. 2:33Twee vragen
  7. 2:55De antwoorden
  8. 3:20Als de stroom zich splitst

De hele uitleg, uitgeschreven

Twee lampjes na elkaar

0:00Twee lampjes na elkaar in één stroomkring. Door welk lampje gaat de meeste stroom: door het eerste, door het tweede, of door allebei evenveel? Niet rekenen, gewoon kiezen.

Eén weg voor de lading

0:17Staan onderdelen achter elkaar in één kring, zonder vertakking, dan heet dat een serieschakeling. De lading heeft daar maar één weg. Elk elektron dat het eerste lampje in gaat, komt er ook weer uit en gaat daarna door het tweede. Onderweg raakt er geen lading kwijt.

0:35Dus door allebei gaat evenveel stroom, en dat geldt overal in de kring: I totaal is I één is I twee. Wat een lampje omzet, is geen stroom maar energie. De elektronen komen er even snel uit als ze erin gaan, alleen met minder energie.

De spanning verdeelt zich

0:54De spanning van de bron wordt wél verdeeld. Elk onderdeel krijgt een deel, de deelspanning, en samen zijn die deelspanningen gelijk aan de spanning van de bron: U totaal is U één plus U twee. Die verdeling heet spanningsdeling. En de weerstanden tellen op: R totaal is R één plus R twee.

1:15Elk onderdeel dat je erbij zet, is een hindernis extra op dezelfde ene weg. Nu jij. Een weerstand van twintig ohm en een van veertig ohm staan in serie op twaalf volt. Over welke van de twee staat de grootste spanning?

Twintig en veertig ohm

1:34Reken de stroom uit met de totale weerstand, niet met één van de twee. Twintig plus veertig is zestig ohm. De stroom is U gedeeld door R: twaalf volt gedeeld door zestig ohm is nul komma twintig ampère, en die stroom gaat door allebei. Over de twintig ohm staat nul komma twintig keer twintig: vier komma nul volt.

1:57Over de veertig ohm: nul komma twintig keer veertig, acht komma nul volt. Vier plus acht is twaalf, precies de spanning van de bron. De grootste spanning staat over de grootste weerstand.

Drie dingen om te onthouden

2:09Drie dingen. In een serieschakeling is de stroomsterkte overal even groot, want de lading heeft maar één weg en raakt onderweg niets kwijt. De spanning van de bron verdeelt zich: de deelspanningen tellen op tot de bronspanning, en over de grootste weerstand staat de grootste spanning.

2:28En de weerstanden tellen op: R totaal is R één plus R twee.

Twee vragen

2:34Twee vragen. Eén. Een weerstand van tien ohm en een van vijftig ohm staan in serie op zes komma nul volt. Hoe groot is de spanning over de weerstand van vijftig ohm? Twee. Je zet in een serieschakeling een derde weerstand bij. Wat gebeurt er met de stroomsterkte?

De antwoorden

2:55De eerste: de totale weerstand is zestig ohm, dus de stroom is zes komma nul gedeeld door zestig, nul komma tien ampère. Over de vijftig ohm staat nul komma tien keer vijftig: vijf komma nul volt. De tweede: de totale weerstand wordt groter, dus bij dezelfde spanning wordt de stroomsterkte kleiner.

3:16En die kleinere stroom is weer overal in de kring even groot.

Als de stroom zich splitst

3:20Wat er gebeurt als de stroom zich wél kan splitsen: op het kanaal staat een aparte video over de parallelschakeling.

Veelgestelde vragen

Is de stroomsterkte in een serieschakeling overal gelijk?

Ja. De lading heeft maar één weg en raakt onderweg niets kwijt, dus door elk onderdeel gaat evenveel stroom: I totaal is I een is I twee. Een lampje zet energie om, geen stroom: de elektronen komen er even snel uit als ze erin gaan, alleen met minder energie.

Hoe bereken je de totale weerstand in een serieschakeling?

Je telt de weerstanden op: R totaal is R een plus R twee. Elk onderdeel dat je erbij zet is een hindernis extra op dezelfde ene weg. Twintig ohm en veertig ohm in serie zijn samen zestig ohm.

Wat is spanningsdeling?

In een serieschakeling verdeelt de spanning van de bron zich over de onderdelen. Elk onderdeel krijgt een deelspanning, en samen zijn die gelijk aan de bronspanning: U totaal is U een plus U twee. Over de grootste weerstand staat de grootste spanning.

Hoe groot is de spanning over elke weerstand in serie?

Reken eerst de stroom uit met de totale weerstand, niet met één van de twee. Bij 20 ohm en 40 ohm op 12 volt is dat 12 gedeeld door 60, 0,20 ampère. Dan is de spanning over de 20 ohm 0,20 keer 20, 4,0 volt, en over de 40 ohm 8,0 volt. Samen weer 12 volt.

Wat gebeurt er met de stroom als je een weerstand in serie bijzet?

Die wordt kleiner. De totale weerstand wordt groter, dus bij dezelfde spanning loopt er minder stroom. En die kleinere stroom is weer overal in de kring even groot.

Hierna: de parallelschakeling, waar de stroom zich wél splitst en de weerstanden juist kleiner worden.

Deze video krijgt geluidssporen en ondertiteling in meer talen. Kies je taal in de speler onder het tandwiel, bij Audiospoor en bij Ondertiteling.

Physics with Thomas: natuurkunde uitgelegd met beeld waar het iets toevoegt, en zonder beeld waar het afleidt.

In deze serie

Even voorstellen

Thomas Schuurmans

Mijn naam is Thomas Schuurmans, en ik heb een passie voor natuurkunde en voor begrijpen waarom dingen werken zoals ze werken. Wat ik wil, is jonge mensen aanmoedigen om vaker “waarom is dat?” en “hoe werkt dat?” te vragen, en ze de handvatten van de natuurkunde geven op een manier die makkelijk is en die je kunt zien.

Ik ben in 2003 afgestudeerd in Technische Natuurkunde aan de Technische Universiteit Delft. Daarna werkte ik ruim twintig jaar buiten het onderwijs: eerst bij TNO, daarna bij een ontwerpbureau, en uiteindelijk als oprichter van Proportion Global, waarmee ik aan innovatievraagstukken werk in Afrika, Latijns-Amerika en Zuid-Azië. Dat werk lijkt meer op natuurkunde dan je zou denken: niet beginnen bij een oplossing, maar eerst begrijpen wat er aan de hand is, iets proberen, fout zitten, en opnieuw kijken.

Sinds 2026 geef ik natuurkunde in de onder- en bovenbouw, en ben ik begonnen aan mijn master aan de Universiteit van Amsterdam voor mijn eerstegraads bevoegdheid. Daar leerde ik dat de echte aandacht van een middelbare scholier voor nieuwe stof ongeveer zeven minuten duurt. En mijn valkuil is nu net om te veel randverhalen te vertellen.

Daaruit is het idee geboren: video's die één onderwerp scherp en visueel uitleggen, binnen die zeven minuten. Ik maak ze voor mijn eigen leerlingen. Daarna zet ik ze openbaar online, want goede uitleg hoort beschikbaar te zijn voor iedereen die hem nodig heeft, waar je ook woont en in welke taal je denkt en spreekt.